Giselbert van Loon
Giselbert van Loon (gestorven tussen 1044 en 1046) was de eerste graaf van het graafschap Loon. Zijn broers waren Arnold van Haspengouw en Balderik II van Luik.
| Giselbert van Loon | ||
|---|---|---|
| ±980 – ±1045 | ||
| Graaf van Loon | ||
| Periode | ±1011 – ±1045 | |
| Voorganger | Arnulf van Valencijn? | |
| Opvolger | Emmo van Loon | |
Giselbert van Loon (gestorven tussen 1044 en 1046) was de eerste graaf van het graafschap Loon. Zijn broers waren Arnold van Haspengouw en Balderik II van Luik.
Leven
[bewerken | brontekst bewerken]
Van de drie broers was Arnold de oudste. Toen hij beleend werd met het graafschap Haspengouw (1011?) schonk hij een gedeelte in apanage aan Giselbert. Dit was het beginpunt van het graafschap Loon. Arnold zetelde in een burcht ("borg-") te Borgworm, Giselbert bouwde een nieuwe burcht te Borgloon: de burcht van Loon.
De oudste vermelding van Giselbert stamt uit de (vervalste) stichtingsakte van de Sint-Jacobsabdij van Luik (1016). Een oorkonde uit 1031 vermeldt dat Balderik tijdens zijn leven (dus vóór 1018) een allodium schonk aan fratris sui Gisleberti comtiis de Lon. In 1034 was Giselbert de voogd van de Sint-Laurentiusabdij. Zijn laatste vermelding stamt uit een oorkonde van de Sint-Bartolomeüskerk (1044). Kort daarna overleed hij, want in 1046 was hij al opgevolgd door Emmo van Loon, vermoedelijk zijn oomzegger (zie beneden).
Afkomst
[bewerken | brontekst bewerken]De hypothese dat Giselbert, Arnold en Balderik (klein)zonen waren van Rudolf van de Maasgouw en de Haspengouw, is intussen verlaten maar ook andere hypothesen blijven onzeker. Dit komt doordat de elementen in de historische bronnen elkaar soms tegenspreken, en de beschreven familieverbanden soms weinig waarschijnlijk zijn op grond van chronologie. Afhankelijk van de elementen die men bijstuurt, zijn er meerdere reconstructies mogelijk.
De Gestorum Trudonensium noemt Otto van Verdun als eerste aanknopingspunt. Zijn dochter (of zuster?) Ermengarde trouwde met Robrecht I van Namen. Ze hadden verschillende kinderen, volgens de Gestorum Trudonensium en de Vita Arnulfi ook een dochter genaamd Liutgarde. Deze eerste bron noemt Liutgarde de moeder van Balderik, en daarmee ook van Giselbert en Arnold. Uit oorkonden is bekend dat ze getrouwd was met Arnulf van Valencijn, waardoor hun oudste zoon vernoemd was naar zijn vader. Het obituarium van de Sint-Lambertuskathedraal herdacht ook een zoon genaamd Adalbert/Albert, die weliswaar al overleed vóór zijn ouders.
De Vita Balderici bevestigt dat Balderik een bloedverwant van Arnulf was, en ook van Lambert I van Leuven. Inderdaad waren Lamberts grootvader Reinier en Liutgardes grootmoeder Symphoria broer en zus. Langs deze weg waren Arnulf en Lambert trouwens ook verwant aan de hoger genoemde Rudolf van de Maasgouw en de Haspengouw. Dat Giselbert, Arnold en Lambert delen van de Haspengouw verwierven, kan dus verklaard worden via hun verwantschap met Rudolf. Mogelijk hadden Giselbert, Arnold en Balderik nog een zuster, vernoemd naar hun moeder. De Gestorum Trudonensium – hoewel ze daarin vereenzelvigd wordt met haar gelijknamige moeder – vermeldt dat deze Liutgarde trouwde met een graaf Otto. Volgens de Vita Arnulfi waren zij de ouders van Emmo van Loon, die Giselbert opvolgde als graaf van Loon.